Episode Details
Back to Episodes
Romeinen 2:11‑2:29
Description
Steve Gregg bespreekt hoe Paulus aantoont dat God zonder aanzien des persoons oordeelt: wie zonder de wet zondigt gaat zonder de wet verloren, en wie de wet heeft en overtreedt wordt juist door die wet geoordeeld. Hij bespreekt uitgebreid vers 14-15, over heidenen die van nature doen wat de wet zegt, en beargumenteert vanuit een eigen ervaring met Ron Smith dat dit niet over heidenen in het algemeen gaat maar specifiek over heiden-christenen bij wie de wet in het hart geschreven staat. Gregg laat zien dat Paulus de zelfgenoegzame houding van Joden ontmaskert door te wijzen op Joden die zelf stelen, overspel plegen of tempels beroven (met een verwijzing naar een berucht schandaal in Rome), waardoor Gods naam onder de heidenen gelasterd wordt. Hij bespreekt dat besnijdenis alleen nut heeft als de wet gehouden wordt, en dat een onbesneden gelovige die de wet vervult als besneden gerekend wordt. Tot slot legt hij uit dat Paulus de termen Jood, besnijdenis en Israël herdefinieert als geestelijke, niet raciale categorieën: de ware Jood is wie innerlijk, naar de Geest, door God geprezen wordt.